Begrippenlijst

Bandenspanning

De bandenspaninning kunt u vinden door te zoeken op type scooter. Bij de zoekresultaten wordt de bandenspanning weergegeven die de fabrikant van uw voertuig adviseert. De bandenspanning wordt weergegeven in Bar (een bar is precies gelijk aan 100.000 Pa = 100 kPa). Met het aantal Bar wordt de druk in de band weergegeven die op elke vierkante centimeter van de band drukt.

De aanbevolen luchtdruk moet gemeten worden wanneer de band koud is.
 

Balanceren

De wielbalans moet direct worden gecontroleerd als er trillingen worden waargenomen. De beste manier om uit te leggen wat balanceren is, is om uit te leggen wat een gebrek aan balans is. Als een band op een wiel wordt gemonteerd, worden twee net niet perfecte componenten samengevoegd. De kans dat deze samengevoegde componenten een absoluut nauwkeurige gewichtsverdeling hebben is klein. Dit kan worden opgelost door het wiel te laten balanceren. Dit wordt gedaan door kleine gewichtjes te plaatsen op de rand van de velg. 
 

Kraal

De kraal van de band is voorzien van stalen koorden. De kraal bevind zich in de hiel van de band en is bepalend voor de diameter van de velg.
 

Koordlagenstructuur

Dit zegt iets over de manier waarop de band is gemaakt. De R staat voor radiaal, wat slaat op de richting van de koordlagen in de band. Deze koordlagen zijn laagjes textiel die het karkas van de band vormen en radiaal van hiel naar hiel lopen. Een B duidt op een schuine constructie, wat betekent dat de koordlagen diagonaal van hiel naar hiel lopen, waarbij de koordlagen elkaar om en om kruisen om elkaar te verstevigen.
 

karkas

Het lichaam van de band dat bestaat uit het loopvlak en de zijwanden , ook wel de behuizing.
 

Contact Patch

Het gedeelte van het loopvlak dat contact maakt met de weg tijdens het rijden.
 

Koordlaag

De koordlagen die gebruikt worden om de band te verstevigen worden gemaakt van glasvezel, rayon, nylon, polyester of staal.
 

DOT Markeringen

Voor alle banden die geproduceerd zijn vanaf het jaar 2000, bestaat de DOT-code uit 12 karakters (combinatie van letters en cijfers). De 4 laatste karakters geven de productiedatum weer:

Vb: 4710

- 47 = week van productie

- 10 = jaar van productie

Het is mogelijk dat de productiedatum maar aan 1 kant van de band staat. Het woord DOT staat voor Departement Of Transportation.
 

voetspoor

Het gedeelte van de band dat contact maakt met het oppervlak van de weg.
 

wrijving

De weerstand van een materiaal (het loopvlak) als het beweegt tegen een ander materiaal (de weg) , dit is de kracht die zorgt voor grip op de weg.
 

Gross Vehicle Weight

Het werkelijke gewicht van een voertuig wanneer deze volledig geladen is met passagiers en vracht.
 

Groef

De ruimte tussen twee aangrenzende ribben op het loopvlak ; ook wel groeven. Alle groeven samen vormen het profiel.
 

Zomer banden

Vaak gezien als standaard of gewone banden , ontworpen voor een droog wegdek met af en toe een regen bui. Niet geschikt voor sneeuw en eis.
 

All season banden

All season banden zijn geschikt voor elk seizoen. Ze zijn ontworpen om op een breed scala van wegen  perfecte grip te behouden. Deze banden zijn geschikt voor alle omstandig heden, zowel nat, droog, modder als sneeuw behoort geen probleem te zijn.
 

Sneeuw banden

Ook wel aangeduid als een winterband , een speciaal type band met een loopvlak en rubbersamenstelling die een betere tractie in sneeuw geeft . Geïdentificeerd door M & S , M + S of M/S op de zijwanden.
 

Aquaplaning

Aquaplaning kan plaats vinden bij het rijden in de regen. Normaal gesproken hebben de banden contact met de weg en kunnen ze daar druk op uitoefenen zodat er genoeg grip ontstaat om te sturen. Nu kan het afhankelijk van een aantal factoren gebeuren dat de banden door de hoeveelheid water geen contact meer hebben met de weg. De banden(profielen) kunnen het aanbod van water niet verwerken en drijven op een film van water, op dit moment is er sprake van aquaplaning.
 

Innerliner

De binnenste laag van een tubeless band die er voor zorgt dat er geen lucht kan ontsnappen door de band heen. Deze dunne laag materiaal vervangt de binnenband.
 

Load Index

Een toegewezen getal tussen 0-345 die overeenkomt met het draagvermogen van de band. Raadpleeg deze tabel om uw exacte loadindex te bepalen.
 

M+S, M/S of M&S (modder en sneeuw)

Geeft aan dat een band aan bepaalde normen voldoet voor perfecte prestaties  in modder en sneeuw. De band moet voldoen aan de Rubber Manufacturers Association ( RMA ) definitie van een modder en sneeuw banden.
 

OE en OEM

OE betekent " Original Equipment " en verwijst naar de banden die bij een nieuw voertuig op het moment van aankoop zijn gemonteerd. De fabrikant van het voertuig selecteert deze banden om de optimale prestaties op basis van de prestatie-eigenschappen van het voertuig . " OEM " staat voor " Original Equipment Manufacturer ".
 

Overall Diameter

De diameter van een opgepompte band, zonder enige belasting.
 

Totale breedte

De afstand tussen buiten zijwanden van een band , inclusief belettering en ontwerpen.
 

Velgbreedte

Afstand tussen de velgranden.
 

Rolweerstand

De vereiste kracht die een band nodig heeft om in beweging te blijven met een constante snelheid. Hoe lager de rolweerstand , hoe minder energie nodig is om een ??band in beweging te houden.
 

Schouder

Het deel van de band waar de zijwand en het loopvlak elkaar ontmoeten.
 

Zijwand

Het deel van de band tussen het loopvlak en de hiel.
 

Snelheids index

De maximumsnelheid van een band is ontstaan uit Amerikaanse overheids normen voor het bereiken en behouden van een bepaalde snelheid. Een band met een hogere snelheids classificatie resulteert in een betere handling. Waardes worden bepaald via laboratoriumtests die prestaties op de weg simuleren bij verschillende snelheden. De snelheids index wordt aangegeven met een letter, zie de volgende tabel.
 

Tractie

De wrijving tussen de band en het wegdek.
 

Profieldiepte

De afstand gemeten in de grote loopvlakgroef dichtst bij de hartlijn van de band van de basis van de groef naar de top van het loopvlak . De wettelijke minimale profieldiepte van de band mag niet minder zijn dan 1,6 millimeter. Als het profiel is geslonken tot 2,5 mm adviseert de overheid om de band te verwisselen. Bandenbaas adviseert voor uw veiligheid om zomerbanden te vervangen zodra er minder dan 3 mm profiel over is. Omdat het profiel van winterbanden extra belangrijk is, adviseren wij om deze te vervangen als ze nog 4 mm profiel over hebben. Zo kunt u altijd veilig op weg.